In het Woning Behoefte Onderzoek 1999 van het ministerie van VROM wordt een onderscheidt gemaakt tussen vijf typen woonmilieus:- centrum stedelijk
- woonmilieu: (historische) binnensteden, City/ nieuwe stedelijke centra, centra van nieuwe steden
- essentie: grootschalige complexiteit
- voorbeelden: Nieuwmarkt Amsterdam, Kop van Zuid Rotterdam, Almere Centrum
- stedelijk buiten centrum
- woonmilieu: vooroorlogse etage, vooroorlogs grondgebonden, vooroorlogse herenhuizen, vooroorlogse tuindorpen, naoorlogse etage, naoorlogs grondgebonden
- essentie: de stadswijk
- voorbeelden: Berlagebuurt Amsterdam, Wittevrouwensingel Utrecht, Statenkwartier Den Haag, Betondorp Amsterdam, Nieuwedam Noord, Tongelre Eindhoven
- groen stedelijk
- woonmilieu: uitbreiding aan de stad, groeikernen, actuele uitleg
- essentie: huis met een tuin
- voorbeelden: Rijnsweert Utrecht, Nieuwegein, Prinsenland Rotterdam
- centrum dorps
- woonmilieu: historische kernen, nieuwe kernen
- essentie: kleinschalige complexiteit
- voorbeelden: Muiden, Houten-Rond
- landelijk
- woonmilieu: villawijken, wonen in het landschap, landgoederen
- essentie: Villa Verde
- voorbeelden: Loosdrechtse plassen, Amsteldijk
|