1. Gebieden en steden die economische relaties onderhouden (bijv. de vroegere Hanzesteden)
2. Economisch-geografische zones die ruimtelijk de vorm aannemen van een netwerk van compacte steden
Vijfde nota: De rijksoverheid stimuleert de samenwerking van gemeenten binnen stedelijke netwerken waardoor in die gebieden zuiniger met ruimte wordt omgesprongen. Indien de samenwerking concreet gestalte krijgt kan deze financieel worden ondersteund. Er kan daardoor bijvoorbeeld een einde komen aan de wedloop tussen gemeenten om bedrijventerreinen (veelal versnipperd) aan te leggen.
Wanneer gemeenten een stedelijk netwerk vormen, maken zij met elkaar afspraken over de locatie van grote nieuwe woonwijken, bedrijventerreinen en recreatiegebieden. De ruimtebehoefte van de ene gemeente in het stedelijk netwerk kan worden opgevangen in een andere. Betere benutting van bestaand bebouwd gebied geniet de voorkeur boven uitbreidingen. Eventuele uitbreidingen komen bij voorkeur vlak bij centra die goed zijn aangesloten op knooppunten van openbaar vervoer en wegen. Gebieden waar bebouwing de waterhuishouding ernstig zou verstoren, zijn uitgesloten.
|