In 1995 hebben 19 steden, waaronder de vier grote steden, de convenanten in het kader van het Grotestedenbeleid getekend. Doel van het grotestedenbeleid (GSB) is verminderen van werkloosheid, vergroten van veiligheid en verbeteren van leefbaarheid en zorg in de betrokken steden. In 1996 is het grotestedenbeleid verbreed met zes gemeenten, namelijk Schiedam, Heerlen, Dordrecht,Venlo, Haarlem en Leiden. Het GSB kent 3 pijlers:
- Fysieke pijler
Deze pijler is het meest zichtbaar voor bewoners. Bij de fysieke pijlers gaat het veelal om woningen. Deze worden gebouwd, vergroot, gerenoveerd of gesloopt.
- Sociale pijler
Het gaat bij de sociale pijler om het welzijn van mensen. Om dit welzijn te vergroten/verhogen worden bijvoorbeeld activiteiten van en met jongeren georganiseerd, of computercursussen voor allochtonen.
- Economische pijler
De economische pijler behelst zowel het verbeteren van de economische positie van achterstandsbuurten als van individuen. Bedrijven worden bijvoorbeeld gestimuleerd om zich in bepaalde buurten te vestigen, wat ook weer werkgelegenheid oplevert voorde omwonenden.
Grotestedenbeleid |